Cybercrime

Editie: Juni 2014 | Tekst: | Fotografie: IStock

Computertechnologie vernieuwt zich razendsnel, wat druk legt op de digitale veiligheid. Cybercriminaliteit kost Nederland jaarlijks 8 miljard. Toch blijven we als bevolking redelijk laconiek, zo blijkt uit verschillende rapporten.

 ‘De schade van cybercrime is even groot als die van drugshandel en auto-ongelukken’

Vergeleken met omringende landen zijn we minder angstig voor beveiligingsincidenten. Dat blijkt uit de Unisys Security Index 2014 van de Amerikaanse beveiligingsleverancier Unisys. Nederlanders maken zich vooral zorgen om de beveiliging van hun betaalgegevens, het risico op afluisteren door overheden en identiteitsdiefstal. Uit het onderzoek blijkt dat 67 procent zich zorgen maakt dat criminelen hun betaalpas of creditcardgegevens in handen krijgen of gebruiken, terwijl 72 procent zich zorgen maakt over identiteitsdiefstal die kan leiden tot ongeautoriseerde toegang tot of misbruik van persoonlijke informatie.

Ondanks de laconieke houding van Nederlanders is cybercriminaliteit wereldwijd een steeds groter probleem. De wereldwijde schade door cybercriminaliteit is naar schatting jaarlijks 330 miljard euro, dat is ongeveer even groot als die door drugshandel en auto-ongelukken, staat in een onlangs verschenen rapport van het Amerikaanse Center for Strategic and International Studies (CSIS) en computerbeveiligingsbedrijf McAfee. Dat komt vrijwel overeen met een schatting van TNO uit 2012. De schade valt  uiteen in grofweg drie categorieën: diefstal van octrooien, diefstal van andere bedrijfsgeheimen, en tot slot fraude met creditkaarten, bankgegevens en andere persoonlijke data. CSIS waarschuwt dat de schade de komende jaren kan toenemen doordat computerhackers steeds slimmer worden. Vooral financiële instellingen, retailers en energiebedrijven lopen gevaar.

Daarbij vormt cybercriminaliteit ook een bedreiging voor de werkgelegenheid. Europabreed zouden er volgens het onderzoek 150.000 banen verloren kunnen gaan.